Inleiding tot les 181-200
Ons volgend stel lessen is speciaal gericht op de versteviging van je bereidwilligheid om je zwakke inzet sterk te maken en je uiteenlopende doelstellingen tot één intentie samen te smeden. Er wordt vooralsnog geen voortdurende en totale toewijding van je gevraagd. Maar jou wordt gevraagd nu te oefenen om het gevoel van vrede te bereiken dat een dergelijke volledige inzet, al is het maar met tussenpozen, je zal schenken. Juist de ervaring hiervan garandeert dat jij je totale bereidwilligheid zult inzetten om de weg te volgen die de cursus uiteenzet.
Onze lessen zijn nu met name afgestemd op het verruimen van horizonten en op een directe aanpak van de speciale belemmeringen die jouw visie vernauwd hebben en te beperkt houden om jou de waarde van ons doel te laten zien. We doen nu een poging deze belemmeringen op te heffen, hoe kortstondig ook. Woorden alleen kunnen het gevoel van bevrijding waarmee dit gepaard gaat, niet overbrengen. Maar de ervaring van vrijheid en vrede die ontstaat wanneer jij je rigoureuze controle over wat je ziet opgeeft, spreekt voor zich. Jouw motivatie zal zo worden versterkt dat woorden niet meer zo belangrijk zijn. Je zult zeker zijn over wat jij wilt, en over wat geen waarde heeft.
En zo beginnen we onze reis die aan woorden voorbijgaat, door ons eerst te concentreren op wat jouw vooruitgang nog steeds in de weg staat. De ervaring van wat voorbij een verdedigende houding ligt, blijft buiten je bereik zolang je het bestaan daarvan ontkent. Het is er misschien, maar je kunt de aanwezigheid ervan niet accepteren. Dus proberen we nu elke dag voor eventjes aan alle verdedigingen voorbij te gaan. Meer wordt er niet gevraagd, want meer is er niet nodig. Het zal voldoende zijn om te garanderen dat de rest zal komen.
LES 187
Ik zegen de wereld, want ik zegen mijzelf.
Niemand kan geven, tenzij hij heeft. In feite is geven het bewijs van hebben. We maakten dit al eerder duidelijk. Dit is niet wat het schijnbaar zo moeilijk te geloven maakt. Niemand kan in twijfel trekken dat je eerst moet bezitten wat je wilt geven. Het is de tweede stap waarin de wereld en werkelijke waarneming verschillen. Wanneer je had en hebt gegeven, dan beweert de wereld dat je verloren hebt wat je bezat. De waarheid stelt dat geven zal vermeerderen wat je bezit.
Hoe is dit mogelijk? Want het is zeker dat als je iets eindigs weggeeft, de ogen van je lichaam het niet als het jouwe zullen zien. Maar we hebben geleerd dat dingen slechts staan voor de gedachten waardoor ze zijn gemaakt. En het ontbreekt jou niet aan bewijs dat wanneer je ideeën weggeeft, jij ze in je eigen denkgeest versterkt. Misschien is de vorm waarin de gedachte lijkt te verschijnen, bij het geven veranderd. Toch moet ze terugkeren naar hem die geeft. Ook kan de vorm die ze aanneemt niet minder aanvaardbaar zijn. Die zal zeker meer aanvaardbaar zijn.
Ideeën moeten jou eerst toebehoren, voordat je ze geeft. Als jij de wereld wilt verlossen, moet jij eerst verlossing aanvaarden voor jezelf. Maar je zult niet geloven dat dit is gebeurd voordat jij de wonderen ziet die ze brengt aan ieder die jij ziet. Hiermee wordt het idee van geven verhelderd en krijgt het betekenis. Nu kun je zien dat door jouw geven je voorraad toegenomen is.
Bescherm alle dingen die jij van waarde acht door ze weg te geven, en je bent er zeker van dat je ze nooit kwijt zult raken. Wat je dacht dat je niet had blijkt daardoor het jouwe te zijn. Maar hecht geen waarde aan de vorm ervan. Want die zal mettertijd veranderen en onherkenbaar worden, hoezeer je ook probeert die veilig te stellen. Geen vorm is blijvend. Het is de gedachte achter de vorm der dingen die onveranderlijk leeft.
Geef met vreugde. Je kunt er alleen maar bij winnen. De gedachte blijft en neemt toe in kracht, naarmate ze door geven wordt versterkt. Gedachten breiden zich uit naargelang ze worden gedeeld,...
Ons volgend stel lessen is speciaal gericht op de versteviging van je bereidwilligheid om je zwakke inzet sterk te maken en je uiteenlopende doelstellingen tot één intentie samen te smeden. Er wordt vooralsnog geen voortdurende en totale toewijding van je gevraagd. Maar jou wordt gevraagd nu te oefenen om het gevoel van vrede te bereiken dat een dergelijke volledige inzet, al is het maar met tussenpozen, je zal schenken. Juist de ervaring hiervan garandeert dat jij je totale bereidwilligheid zult inzetten om de weg te volgen die de cursus uiteenzet.
Onze lessen zijn nu met name afgestemd op het verruimen van horizonten en op een directe aanpak van de speciale belemmeringen die jouw visie vernauwd hebben en te beperkt houden om jou de waarde van ons doel te laten zien. We doen nu een poging deze belemmeringen op te heffen, hoe kortstondig ook. Woorden alleen kunnen het gevoel van bevrijding waarmee dit gepaard gaat, niet overbrengen. Maar de ervaring van vrijheid en vrede die ontstaat wanneer jij je rigoureuze controle over wat je ziet opgeeft, spreekt voor zich. Jouw motivatie zal zo worden versterkt dat woorden niet meer zo belangrijk zijn. Je zult zeker zijn over wat jij wilt, en over wat geen waarde heeft.
En zo beginnen we onze reis die aan woorden voorbijgaat, door ons eerst te concentreren op wat jouw vooruitgang nog steeds in de weg staat. De ervaring van wat voorbij een verdedigende houding ligt, blijft buiten je bereik zolang je het bestaan daarvan ontkent. Het is er misschien, maar je kunt de aanwezigheid ervan niet accepteren. Dus proberen we nu elke dag voor eventjes aan alle verdedigingen voorbij te gaan. Meer wordt er niet gevraagd, want meer is er niet nodig. Het zal voldoende zijn om te garanderen dat de rest zal komen.
LES 187
Ik zegen de wereld, want ik zegen mijzelf.
Niemand kan geven, tenzij hij heeft. In feite is geven het bewijs van hebben. We maakten dit al eerder duidelijk. Dit is niet wat het schijnbaar zo moeilijk te geloven maakt. Niemand kan in twijfel trekken dat je eerst moet bezitten wat je wilt geven. Het is de tweede stap waarin de wereld en werkelijke waarneming verschillen. Wanneer je had en hebt gegeven, dan beweert de wereld dat je verloren hebt wat je bezat. De waarheid stelt dat geven zal vermeerderen wat je bezit.
Hoe is dit mogelijk? Want het is zeker dat als je iets eindigs weggeeft, de ogen van je lichaam het niet als het jouwe zullen zien. Maar we hebben geleerd dat dingen slechts staan voor de gedachten waardoor ze zijn gemaakt. En het ontbreekt jou niet aan bewijs dat wanneer je ideeën weggeeft, jij ze in je eigen denkgeest versterkt. Misschien is de vorm waarin de gedachte lijkt te verschijnen, bij het geven veranderd. Toch moet ze terugkeren naar hem die geeft. Ook kan de vorm die ze aanneemt niet minder aanvaardbaar zijn. Die zal zeker meer aanvaardbaar zijn.
Ideeën moeten jou eerst toebehoren, voordat je ze geeft. Als jij de wereld wilt verlossen, moet jij eerst verlossing aanvaarden voor jezelf. Maar je zult niet geloven dat dit is gebeurd voordat jij de wonderen ziet die ze brengt aan ieder die jij ziet. Hiermee wordt het idee van geven verhelderd en krijgt het betekenis. Nu kun je zien dat door jouw geven je voorraad toegenomen is.
Bescherm alle dingen die jij van waarde acht door ze weg te geven, en je bent er zeker van dat je ze nooit kwijt zult raken. Wat je dacht dat je niet had blijkt daardoor het jouwe te zijn. Maar hecht geen waarde aan de vorm ervan. Want die zal mettertijd veranderen en onherkenbaar worden, hoezeer je ook probeert die veilig te stellen. Geen vorm is blijvend. Het is de gedachte achter de vorm der dingen die onveranderlijk leeft.
Geef met vreugde. Je kunt er alleen maar bij winnen. De gedachte blijft en neemt toe in kracht, naarmate ze door geven wordt versterkt. Gedachten breiden zich uit naargelang ze worden gedeeld,...

